Babyreflexen en puberteit
Door: Magdalena Zweegman
HET LEVEN VAN EEN PUBER...
Het leven van een puber is geen pretje. Hij draagt, zo te zien, het gewicht van de hele wereld op zijn schouders: zijn handen en voeten zijn met een recordsnelheid tot maat XXXL gegroeid, zijn armen bungelen levenloos naast zijn lijf, zijn rug is krom en hij staat wankel, alsof hij voortdurend zijn evenwicht dreigt te verliezen. Zijn gang is - zelfs door de ogen van de meest liefdevolle ouders gezien - tamelijk aap-achtig. Hij vervolgt zijn weg slungelend, luisterend naar een geheimzinnig inwendig ritme.
Samen met de lichamelijke veranderingen laten de hormonen de psyche in een razende, spannende rollercoaster (achtbaan) instappen die 'Puberteit' heet. Wat ouders al lang wisten, is nu gemeten en wetenschappelijk in kaart gebracht: volgens recente internationale onderzoeken in o.a. de USA, Duitsland en Nederland slaan sommige hersenfuncties in deze groeifase op hol. De ontwikkeling van de diverse hersendelen verloopt tijdens de puberteit niet synchroon. De hersenen van de jongeren verkeren in een soort 'jetlag' en de balans tussen ratio en emotie, denken en doen is ver te zoeken. Ander antropologisch onderzoek onder 186 'preindustrialiseerde' samenlevingen heeft aangetoond dat meer dan 60% van deze culturen het begrip 'puberteit' niet eens kent! Zij zien de overgang van kind naar volwassene niet als problematisch. De problemen in de puberteit en de groeiende kloof tussen ouders en hun kinderen schijnen dan ook in de geïndustrialiseerde landen pas in de laatste 100 jaar te zijn ontstaan. Onderzoekers stellen dan ook de traditionele 'kip of ei'? vraag. Wat heeft meer invloed: 'Nature' of 'nurture'? Zijn de hormonale schommelingen en het soms ongecontroleerd gedrag een gevolg, een 'product' van de onevenwichtig ontwikkelende hersenen, of is de onevenwichtige rijping van de hersenen van de opgroeiende kinderen het resultaat van de sterk veranderde prikkels uit de omgeving? Gezien het feit dat de hersenen van een kind voortdurend gevormd worden vanaf zijn geboorte door beweging, voeding en door culturele invloeden, kan de rol van omgevingsfactoren veel groter zijn dan tot nu toe werd gedacht.
Hoe dan ook, voor de tieners in onze maatschappij wordt de geborgenheid en stabiliteit van de kindertijd vervangen door chaos en veranderde waardes. Tieners voelen zich nergens meer bijhoren; zij zijn geen kinderen meer maar ook nog geen volwassenen. De vroeger zo veilige grenzen van de ouders worden als gevangenistralies ervaren en men wordt door niemand begrepen! Niet eens door zichzelf... Een overdreven gevoel van schaamte hoort eveneens bij die leeftijd en versterkt hun gevoel van kwetsbaarheid.
Vaak nemen we de turbulente periode van de puberteit voor lief, maar zien we een belangrijke factor, die achter vele problemen schuilt over het hoofd, te weten: de aanwezigheid van ongeremde overlevingsreflexen. Dit zijn ongewenste overblijfselen uit de babytijd en kunnen de natuurlijke ontwikkeling van een opgroeiend kind blijven verstoren. Hierdoor worden de leeftijds-typische schommelingen nog erger en kunnen functioneringsproblemen en zelfs ziektes ontstaan.
Het goede nieuws is dat ook deze periode voorbij gaat en vaak zonder blijvende schade. Toch zijn er ogenschijnlijk meer problemen dan men denkt waar de kinderen niet zomaar overheen groeien. De gevolgen uiten zich dan, vroeger of later, in rugproblemen, chronische vermoeidheid, burn-out, allergieën, leerproblemen, immuunzwakte of in stressverschijnselen.
BABYREFLEXEN
Het ontwikkelingsniveau van de reflexen van een pasgeborene weerspiegelt de staat van zijn neurologische rijping. Daarom worden een reeks reflexen direct na de geboorte getest. Tientallen zgn. primitieve reflexen besturen iedere vroege ontwikkelingsfase vanaf ongeveer de vijfde week in de baarmoeder tot aan de zesde levenmaand. Hun geleidelijke remming en transformatie kan tot maximaal 3 jaar duren. De stereotype, eindeloos herhaalde reflexbewegingen trainen niet alleen de spieren van de baby, maar dienen ook als sensomotorische feedback voor de jonge hersenen. Door al die waarnemingen en bewegingen wordt er langzamerhand een zgn. inwendige 'bodymap' aangelegd. Deze 'bodymap' is de virtuele routeplanner voor alle reacties en bewegingen van later, voor proprioceptie en ruimtelijke oriëntatie. Of dit toereikend aangelegd is, zal later blijken bij het uitvoeren van bewuste bewegingen en bij het oplossen van cognitieve en emotionele problemen.
De primitieve reflexen moeten in de loop van het eerste levensjaar geleidelijk plaats maken voor de posturale reflexen. Deze laatste werken samen met de zwaartekracht en zorgen voor houding, lichaamsrechting en later voor draai- en loopbewegingen. Zij helpen bij het dagelijks 'gevecht' tegen de zwaartekracht en bij de aanpassing aan prikkels uit de omgeving.
In een notendop: de primitieve reflexen zetelen aan het boveneinde van onze ruggengraat, in de hersenstam. Daar zetelen ook de XII hersenzenuwen, die een enorme impact hebben op het functioneren van de zintuigen en voor het gehele organisme. De posturale reflexen worden voornamelijk vanuit de tussenhersenen bestuurd, en de bewuste reacties en bewegingen vanuit de hoogst ontwikkelde hersenschors. Het 'cerebellum' (kleine hersenen) zorgt o.a. voor timing, ritme, organisatie en de coördinatie van de bewegingen.
De volgorde van de reflexontwikkeling van een jong kind weerspiegelt dus het niveau van zijn neurologische ontwikkeling. Naarmate de baby groeit, onwikkelt hij zijn vaardigheden en leert steeds complexere taken uit te voeren. Tesamen met zijn bewegingen worden tevens de zintuiglijke systemen en het evenwichtsmechanisme getraind. Door de lichaamsbewegingen oefent een dreumes tevens de samenwerking van zijn ogen en van zijn oren, oogvolging, oog-hand coördinatie, terugfocussen, ruimtelijke oriëntatie en het differentiëren van klanken en stemmen. Verder de fijnmotorische vaardigheden en het herstellen van zijn fysieke balans. In deze periode wordt ook de 'blueprint' van de latere emotionele reactiepatronen gevormd.
Als één of meerdere van de primitieve reflexen niet op tijd opkomen of niet volledig onder controle worden gebracht, dan zal dit voor altijd een negatieve uitwerking hebben op de verdere ontwikkeling en voor het functioneren van het centrale zenuwstelsel. De werking van de posturale reflexen, maar ook corticale reacties en bewuste bewegingen kunnen 'ondermijnd' worden door veel lagere primitieve reacties, puur door het feit dat de primitieve reflexen dichter bij het lichaam zetelen. De sensorische waarnemingen moeten namelijk vanuit de hogere hersenen beantwoord worden, maar eerst moeten ze daar aankomen. Omdat de signalen vanuit het lichaam eerst de hersenstam moeten passeren, worden ze daar door de nog aanwezige primitieve reflexen onderbroken en direct beantwoord. Hierdoor bereiken de prikkels vaak de hogere hersendelen niet eens. Dus een bewuste(re) reactie komt dan niet eens tot stand. Zo kan het zijn, dat wanneer de 'oude orde' door groei en hormonen drastisch verandert, de jarenlang onderdrukte of gecompenseerde primitieve reacties ineens naar boven komen en de onprettige verschijnselen van de puberteit versterken.
BABYREFLEXEN EN HOUDING
Een slechte houding en slechte spiertonus - als er verder geen ziektes een rol spelen - zijn meestal te wijten aan een onderontwikkeld houdingssysteem. Jongere kinderen, die hun primitieve reflexen niet volledig onder controle hebben, kunnen leer- en gedragsproblemen ontwikkelen. Wij vinden het vaak niet ongewoon als ze ook nog onhandig tuimelen, maar hopen dan dat ze er gauw overheen groeien. Vaak kunnen ze de problemen met hun balans en motoriek door verhoogde beweeglijkheid goed camoufleren (en worden daardoor dikwijls voor hyperactief gehouden!). En soms zijn ze minder goed in sport maar kunnen ze goed leren of hebben speciale talenten, waardoor hun ware problemen verborgen blijven. Maar door de snelle groei van de botten in de puberteit kunnen de spieren, wanneer ze gebrekkige signalen krijgen, niet accuraat functioneren en het gewicht van de zware botten niet meer dragen. Het resultaat zijn slappe skeletspieren en een slechte houding. Ongeremde babyreflexen zetten dus de spieren voortdurend aan tot ongewenste reacties. Op deze wijze kan iedere hoofdbeweging bv. de spierspanning van de ledematen dwangmatig veranderen; soms in een symmetrisch, soms in een asymmetrisch patroon. Hierdoor wordt men in het zitten én in het staan, fysiek én emotioneel steeds uit balans gegooid. Het kind is voortdurend bezig deze mechanismen onbewust te onderdrukken. Wanneer hij (of zij) ook nog een leeropdracht moet oplossen en ook nog zijn emotionele reacties moet verwerken, dan wordt het hem te veel en hij moet zijn beschikbare energie verdelen: de concentratie gaat ten koste van de lichaamshouding en omgekeerd. Hoe vaak zeggen we tegen een kind tijdens het eten....
Nieuwsgierig geworden naar de rest? Neem dan een abonnement en u krijgt het blad ieder kwartaal thuisgestuurd, of bestel dit tijdschrift.
Actueel
Welkom op de geheel vernieuwde site van de Beroepsvereniging voor Kinesiologie!
Laatste update:
3 september 2010
Nieuw secretariaat per 25 februari, klik hier
Informatie energiedag 25 september, deze dag mag je niet missen!
Algemene ledenvergadering BvK 17 november
Ethische code BvK nu op website, klik hier
Overzicht erkende TfH instructeurs die tevens lid zijn van de BvK